Hergé en de Zonnetempel - Jacobs
door Roger Klaassen

Leiden2004_jacobs.jpg (16545 bytes)
Jacobs, Van Melkebeke en Hergé
Eén van de eerste en zeker één van de bekendste medewerkers van Hergé was Edgar Pierre Jacobs, de latere auteur van de legendarische stripserie 'Blake en Mortimer'. Hergé ontmoet Jacobs via zijn collega bij 'Le Soir' Jacques van Melkebeke. Jacobs is een jeugdvriend van Van Melkebeke en is naast een begenadigd tekenaar ook operazanger. Hij ontmoet Hergé rond 1941/42.

Kennelijk is Hergé onder de indruk van Jacobs' tekentalent, en met name (naar ik aanneem) van de enorme precisie die Jacobs aan de dag legt. In ieder geval vraagt Hergé Jacobs of hij met hem wil samenwerken om de oude zwart-wit albums om te werken naar kleurenalbums.

De vonk slaat over tussen beide tekenaars: beiden werken zeer nauwkeurig en hechten veel belang aan een goede documentatie. Jacobs gaat hierin nog veel verder dan Hergé; men zou zelfs kunnen zeggen dat Jacobs Hergé op het spoor zet van een doorgedreven zucht naar documentatie, die de fantasie en de spontaniteit verstikt. Maar zover is het nog lang niet als Hergé en Jacobs beginnen aan 'De Zonnetempel'.

Jacobs neemt een flink deel van het onderzoek naar de Inca's voor zijn rekening: vrijwel alle documentatieschetsen die te zien waren op de tentoonstelling 'Met Kuifje naar de Inca's' zijn van Jacobs' hand (goed te herkennen aan het handschift in de bijschriften).

De rol van Jacobs houdt hier niet bij op. In verschillende interviews laat Jacobs weten dat hij alleen bij de albums 'De 7 kristallen bollen' en 'De Zonnetempel' heeft meegewerkt aan het scenario. Hij noemt hierin 4 concrete bijdragen aan het verhaal: het gegeven van de met gas gevulde kristallen bollen, de titel 'De 7 kristallen bollen', de scène met de neerstortende trein en ten slotte de onderaardse toegang tot de Zonnetempel.  Daarnaast wordt door deskundigen zoals Benoît Peeters zelfs de hele dreigende atmosfeer van 'De 7 kristallen bollen' (met name de scènes in het huis van professor Bergamot) 'Jacobsiaans' genoemd.

Hergé erkent Jacobs belangrijke rol door hem het voorstel te doen mee te werken aan nieuwe verhalen van Kuifje. Jacobs wil dit wel, op voorwaarde dat ook zijn naam wordt vermeld als auteur. Dit gaat Hergé te ver en de samenwerking tussen de heren stopt. Jacobs is daarna wel één van de belangrijkste tekenaars in het weekblad Kuifje met zijn serie 'Blake en Mortimer'.

Duidelijk is wel dat Jacobs en Hergé zeer geïnspireerd hebben samengewerkt aan 'De Zonnetempel'. Zoals gezegd, 'De Zonnetempel' verscheen tussen 1943 en 1948. Jacobs maakt in 1954 'Het raadsel van Atlantis' (een avontuur van Blake en Mortimer). Jacobs' bewoners van Atlantis hebben erg veel weg van Inca's: vergelijk de twee onderstaande tekeningen. Net zoveel verschillen als overeenkomsten, maar de dreiging die uitgaat van het beeld, het 'podium' waarop het staat, de gelijkenis is daar. Nu zijn er sterke aanwijzingen dat de tekening van de achtergrond van het plaatje links (de tekening op de omslag van het eerste Kuifje-weekblad) is gemaakt door... Jacobs.

Op de onderstaande plaatjes is de gelijkenis nog frappanter. Bovenstaande plaatje is de binnenkomst van Kuifje, Haddock, Zorrino en Bobbie in de Zonnetempel, zoals het gepubliceerd in het weekblad Kuifje. Voor de albumversie is dit plaatje omgewerkt tot de bekende grote tekening. Daaronder Jacobs' tekening uit 1954. Dezelfde compositie, eenzelfde situatie (onverwachte indringers).

Een vergelijking van de twee boeken van Hergé en Jacobs levert zo tal van gelijkvormigheden op. Zo zien we hoe wederzijdse inspiratie nog jaren later kan leiden tot verrassende overeenkomsten.
De afgelopen jaren verschenen twee boeken van Benoît Mouchart die een bijzonder licht doen schijnen op de samenwerking van Hergé met Jacques van Melkebeke (À l'ombre de la ligne claire - In de schaduw van de klare lijn) en Jacobs (La damnation de E.P. Jacobs - De vervloeking van E.P. Jacobs). Beide boeken zijn helaas vrij tendentieus, en Mouchart lijkt toch vooral aan te willen tonen hoe Van Melkebeke en Jacobs Hergé's gebreken corrigeerden. Mouchart maakt hierbij vaak fouten in de chronologie van de gebeurtenissen, zoals onder andere Philippe Goddin heeft aangetoond. Maar desalniettemin kan verder onderzoek naar vooral Van Melkebeke interessante informatie aan het licht brengen om de ontstaansgeschiedenis van enkele Kuifje-avonturen te verduidelijken. Van Melkebeke werd na de oorlog veroordeeld wegens zijn journalistieke werk in onder andere Le Soir, zat in de gevangenis en mocht niet meer publiceren, maar hij hield contact met Hergé en deed ook nog werk voor Hergé. Zo zou Van Melkebeke in feite de eerste hoofdredacteur van het weekblad Kuifje zijn geweest (in het geheim, Hergé was dit officieel), en heeft Hergé Van Melkebeke later betaald voor bijdragen aan scenario's, zoals de eerste versie van het maanavontuur (uiteindelijk maakte Hergé zelf een nieuw scenario). Van Melkebeke zou ook de bron zijn van enkele Jules Verne-invloeden in de avinturen van Kuifje.

terug naar index 'Hergé en de Zonnetempel'